donderdag 30 september 2004
Bad
Zijn zweetvoeten irriteerden hem al een paar weken mateloos. Telkens als hij ergens naartoe ging bevloog hem de angst dat een ander ze zou ruiken. En die angst was alles behalve ongegrond. Binnen drie minuten stonk namelijk de hele stadsbus naar zijn voeten, in de squashkleedkamer verspreidde de geur zich zelfs nóg een fractie sneller en op het openbare toilet overtroefde zijn ondraaglijke zweetvoetengeur elk ander aanwezig aroma.
Hoe hij aan die plotselinge stank was gekomen wist hij niet. Hij droeg bijvoorbeeld bijna nooit oude, stinkende schoenen. En op die spaarzame momenten dat hij dan toch zijn afgedragen sneakers droeg, spoot hij een overdreven hoeveelheid deodorant in beide schoenen waarmee hij het onaangename luchtje vrij gemakkelijk verdoezelde. Ook haalde hij wekelijks zorgvuldig het vuil onder zijn teennagels vandaan met het uitschuifvijltje van een klein nagelschaartje. We-ke-lijks. Dus ook daar kon het niet aan liggen. Toch had zich op onverklaarbare wijze en binnen een mum van tijd, een troepenmacht aan geurige bacteriën op zijn beide voeten genesteld. Tot overmaat van ramp leek dit leger zich ook nog eens voort te planten want de geur werd met de dag erger. Wat kon hij hier in zijn eentje tegen beginnen? Hij was ten einde raad.
Een goede vriend schoot te hulp en adviseerde hem toen om elke dag zijn voeten tijdens het douchen grondig met shampoo te wassen.
'En dan best niet die shampoo voor in je haren maar juist die shampoo voor op je huid' had hij er nadrukkelijk bijgezegd. 'Als je namelijk haarshampoo op je voeten smeert dan ga je haren op je voeten krijgen want die shampoo's verstevigen je haarwortels en stimuleren een natuurlijke gezonde groei daarvan.' 'Levensgevaarlijk dus om dat spul zomaar ergens op je lichaam te gebruiken'. 'Vandaar dus die mannen met haargroei op hun rug'.
Het bleek een gouden tip te zijn, ook al vond hij het een listig uitvoerbare opdracht om telkens zo onder de douche zijn voeten te boenen: hij voelde zich soms net een flamingo. Maar tot zijn grote genoegen merkte hij dat het wassen effect had, en dat de putlucht tussen zijn tenen aan het verdwijnen was. Door het drastisch afnemen van deze eens zo kwellende geur, kreeg zijn zelfvertrouwen een enorme opkikker en begon hij bovendien wat nonchalante trekjes te vertonen tijdens het wassen van zijn voeten.
Op dertien juni stond hij wederom met zijn ene been omhoog in de kleine douchecabine. De geur van zijn nieuwe rozemarijn shampoo bezorgde hem een gelukzalig gevoel. Hij neuriëde een van zijn lievelingsnummers: 'Wanhoop niet' van rockband De Dijk. Alles ging prima totdat... Even stopte de muziek. Een paar tellen later klonk er een kermend geluid. De nieuwe shampoo bleek te glad. Te glad voor het douchen op één been.
Na anderhalve maand mocht het gips eraf. En de zweetlucht die dáárbij vrij kwam...
Hulla heeft twee jaar gespaard en heeft eindelijk een bad. (Nu dat haar nog...)
Abonneren op:
Berichten (Atom)